Sportkanjerclub Land van Cuijk staat open voor kinderen die een beperking of een stoornis hebben.  Sporten is juist voor deze kinderen heel belangrijk. Binnen de Sportkanjerclub is er kennis aanwezig over verschillende beperkingen en stoornissen. Verder kunne samenwerkingspartners  van Sportkanjerclub des gewenst gevraagd worden om extra ondersteuning te bieden daar waar nodig.

Ontwikkelingsbeperking of ontwikkelingsstoornis?

Een ontwikkelingsbeperking is een neurologische of psychische aandoening die optreedt bij kinderen of adolescenten en die een belemmering en/of afwijking vormt in de normale ontwikkeling. Ook bij volwassenen is zo'n stoornis soms nog te traceren, maar met de leeftijd neemt de kans op succesvolle behandeling gewoonlijk af.
De symptomen zijn uiteenlopend en er kunnen ook verschillende oorzaken zijn. Sommige aandoeningen zijn blijvend, andere zijn tijdelijk. Soms ontstaan de symptomen als reactie op een schokkende ervaring, in andere gevallen ligt de oorzaak in erfelijke factoren of een lichamelijke ziekte. Ook omgevingsfactoren kunnen mede van invloed zijn, evenals opvoedingsfactoren.
Bij onderzoek is het van belang dat gelet wordt op alle factoren die bij de ontwikkeling van het kind van belang zijn, omdat deze doorlopend van invloed op elkaar zijn. Zo kunnen kinderen met een lichamelijk probleem aangetast worden in hun gevoel van eigenwaarde en zich hierdoor minder sociaal opstellen. Dit wekt een reactie op van de omgeving, die vervolgens weer van invloed is op de psyche van het kind. Dit is slechts een voorbeeld van hoe een wisselwerking van verschillende factoren zijn uitwerking kan hebben.


Soorten ontwikkelingsbeperkingen.

De DSM-IV (diagnostisch handboek) onderscheidt de volgende groepen ontwikkelingsstoornissen:

  • Persoonlijkheidsstoornissen & verstandelijke beperkingen
  • Leerstoornissen (waaronder dyslexie en dyscalculie)
  • Motorische stoornissen (dyspraxie)
  • Communicatiestoornissen (waaronder stotteren)
  • Pervasieve ontwikkelingsbeperkingsen (Autisme verwante stoornissen)
  • Aandachtstekort- en gedragsstoornissen (ADHD, ODD, CD)
  • Eetstoornissen in de kinderleeftijd (waaronder pica en ruminatiestoornis)
  • Ticstoornissen (waaronder het syndroom van Gilles de la Tourette)
  • Stoornissen met de ontlasting(enurese en encoprese)
  • Andere stoornissen in de kinderleeftijd of adolescentie (separatieangst, hechtingsstoornis, selectief mutisme, stereotype bewegingsstoornis)

 Wat doe je bij een vermoeden van een ontwikkelingsbeperking?

Ontwikkelingsbeperkingen openbaren zich meestal al op jonge leeftijd en kunnen ook al op jonge leeftijd (meestal vanaf de peutertijd) worden vastgesteld. Na de geboorte worden door de verloskundige, gynacoloog of kinderarts al diverse onderzoeken gedaan naar de klinische condities van het kind (Apgar-score).
Gedurende de eerste levensjaren van een kind kan een ontwikkelingsbeperking zich op verschillende manieren openbaren. Vaak blijven kinderen merkbaar achter in het maken van (oog)contact, zitten, lopen, staan, praten en variatie in spel.
Heb je het vermoeden dat je kind een ontwikkelingsbeperking heeft, is het raadzaam zo snel mogelijk contact op te nemen met de huisarts, zodat die je kan verwijzen naar een organisatie die het kind kan onderzoeken. Hoe eerder je actie onderneemt, hoe groter de kans dat een kind baat heeft bij hulp. Neem dus altijd het zekere voor het onzekere.