Sportkanjermethode

·       De zes sportkanjerafspraken zijn de basis voor de sportlessen waarin ook aandacht wordt besteed aan reflectie op sportgedrag. Door het (t)huiswerk kunnen ouders hun kinderen ondersteunen en daarmee participeren in het ontwikkelingsproces.

·       Het instituut voor kanjertrainingen werkt met een methode die uitgaat van 4 typen gedrag. We zetten daarvoor petjes, kleuren en typetjes in. Een prachtig systeem dat op bijna 2.000 basisscholen succesvol is geïmplementeerd. Het PleSaZeRe systeem werkt niet met de materialen van de kanjertraining maar heeft eigen materialen ontwikkeld die werken volgens dezelfde filosofie.

·       In een groep kunnen kinderen zich anders gedragen dan wanneer ze alleen zijn of thuis. De uitspraak van ouders: “ons kind is thuis heel anders, zo doet ons kind niet!” is daarom een logische. Als we buiten psychologische stoornissen blijven, dan kunnen we gedrag van de meeste kinderen typeren als:

·       Baasspeler (pestvogel):
We noemen dit gedrag: “zwarte pet gedrag”. Dit gedragstype wil de baas zijn. Hij/zij doet dat door te intimideren, te manipuleren, angst aan te jagen, te bedriegen en conflicten op te zoeken.

·       Meeloper (Aapje):
We noemen dit gedrag: “rode pet gedrag”. Dit gedragstype wil graag opvallen in de groep en stelt zich daarom uitdagend op, doet dat door uit te lachen en vervelende opmerkingen te maken. Hij/zij is daardoor nauwelijks te vertrouwen. Dit gedragstype neemt geen enkele verantwoordelijkheid.

·       Bange (konijn):
We noemen dit gedrag: “gele pet gedrag”. Dit kind wil niet opvallen in de groep. Het pest en schreeuwt niet, gedraagt zich verlegen, stil en bang.

·       Kanjer (tijger):
In de kanjertraining noemen we dit gedrag: “Witte pet gedrag.” Met dit kind is te praten. Het is innerlijk beschaafd. Het pest, schreeuwt en scheldt niet. Is behulpzaam en te vertrouwen.